Dragen
Het is erg makkelijk om je baby te dragen als je het niet steeds op je armen of heup hoeft te houden.
Makkelijk voor onderweg en makkelijk om bv. klusjes in huis te doen.
Het biedt je veel meer vrijheid!
Je kindje dragen is niet alleen handig; het draagt ook bij aan het lichamelijk en geestelijk welbevinden van de baby.
Door je baby veel bij je te dragen versterk je de band. Je voorziet zo in de behoefte van je kindje, nl. veel lichaamscontact.
Het meedeinen met het lichaam van de drager ervaart het als heel prettig!
Voor de pasgeborene biedt het dragen een meer vloeiende overgang vanuit de baarmoeder de wereld in.
Het huilen van de baby wordt sterk verminderd. Het voelt zich vertrouwd en geborgen.
Houding in de draagdoek/ drager
Dragen is heel prettig en ergonomisch voor baby's, als je op een aantal punten let. Die punten hebben vooral te maken met de houding van je kind in de draagdoek of drager.
Een baby draag je liefst rechtop, met het gezichtje naar je toe gekeerd. De beentjes zijn gespreid, de knietjes zitten hoger dan de billen op navelhoogte - de kikkerhouding . De rug is rond en mooi bol.
Je baby zit zo hoog dat je gemakkelijk een kusje op het hoofdje kunt geven.
Waarom rechtop?
Vanaf de geboorte kun je het beste rechtop dragen. Als de baby goed gesteund wordt door een stevig omgebonden draagdoek, is dit de houding die het beste aansluit bij de lichaamsbouw van een baby. In de wieghouding (liggend in de draagdoek) bestaat het risico dat je baby met de kin op de borst zakt, wat ademhalingsproblemen kan veroorzaken. Ook is deze houding niet optimaal voor de heupontwikkeling. Bij jonge baby's is het belangrijk om voor goede neksteun te zorgen. Je kunt bijvoorbeeld een spuugdoekje in de draagdoek rollen. De meeste dragers hebben een speciaal neksteuntje/slaapkapje.
Waarom in de kikkerhouding?
Deze houding is voor baby's de meest natuurlijke houding: zet een baby op je heup en je ziet waarom. Jonge baby's die opgepakt worden, trekken automatisch hun knietjes op. Zo kunnen ze zich makkelijk vastklemmen om het lichaam van hun moeder. De gespreide en gehurkte houding zorgt voor precies de juiste stand van de heupen om zich goed te kunnen ontwikkelen. Spreid nooit verder dan je baby kan en wil. Om de kikkerhouding vast te houden, is het belangrijk dat de beentjes van je baby tot in de knieholtes ondersteund worden door de doek of drager. Vanaf dag 1 mogen de onderbeentjes en voetjes buiten de doek geknoopt worden.
Waarom met een bolle rug?
Een baby wordt geboren met een bolle rug. In de loop van het eerste jaar ontwikkelt de ruggegraat zich pas langzaamaan tot de rechte houding, die nodig is voor staan en lopen. Een bolle rug is dus de natuurlijke houding van een baby. Bovendien zorgt deze houding ervoor dat er geen onnodige druk komt op de ruggegraat en het bekken. Zo kan de baby lekker ontspannen in een draagdoek.
Waarom met het gezichtje naar je toe gekeerd?
Bij het dragen met het gezichtje van je af gericht (naar voren dragen) trekt de rug van je baby onnatuurlijk hol, en de beentjes hangen naar beneden. Ondersteunen tot in de knieholtes is zo eigenlijk niet mogelijk. Daarom is deze houding niet zo prettig voor je baby. Ook kan je baby zich zo niet afsluiten voor prikkels (tegen mama of papa wegkruipen). Wil je kind meer zien van de wereld, dan kun je op de heup of op de rug gaan dragen.